Ik ben Hanke (1988) en ik dans al mijn hele leven, tenminste: sinds ik kan lopen. Als klein meisje ging ik mee naar de danslessen die mijn moeder gaf of volgde. Zo zette ik mijn eerste stapjes aan de zijkant, en zodra het kon danste ik bij de kindergroep van Vodadwidi in Dwingeloo. Ik ben opgegroeid met internationale folklore. Mijn eerste herinneringen gaan terug naar een folkcamp in Vierhouten, waar zomers een week samen gedanst, gemusiceerd en vakantie gevierd werd. Ik kom jaarlijks op een folkcamp, eerst als deelnemer, later ook als organisatie (algemeen staflid) en dansdocent op Folkcamp Eerde. De folkcamps zijn voor mij een tweede thuis waar dans, muziek en mensen samenkomen.


Vanaf mijn 17e geef ik les. Dat begon met het dansproject ‘Nisto’. Op muziek gecomponeerd door Kay Krijnen maakten Paul Verhaar en ik verschillende dansen. Een eerste try-out op een folkcamp was een succes, een week later gaven we les aan 100 dansers op DoeDans. Een vuurdoop als dansdocent, en dat smaakte naar meer. Een tweede reeks ‘Nisto’ volgde, waarbij de dans en muziek volwassener werd, samen met ons als makers. Met het nisto-programma geven we workshops in Nederland en België.
Door de jaren heen volgde ik verschillende specialisatiecursussen en zocht ik didactieklessen op. Een kaderopleiding volksdans/werelddans werd helaas niet meer georganiseerd. Totdat in 2019 stichting Interdans de ‘scholing werelddansleider’ startte met hoofddocent Caspar Bik. De coronapandemie zorgde voor enige vertraging, maar ik verwacht in mei 2022 de scholing af te ronden. Ondertussen blijf ik specialisatiecursussen volgen. Met uitstapjes naar Salsa en Argentijnse Tango blijft mijn hart bij de internationale volksdans.


Tijdens mijn studie Industrieel Ontwerpen en Techniekfilosofie in Enschede legde ik verbindingen tussen de volksdansgroep waar ik danste en de Europese studentenvereniging. Tijdens thema-avonden leerde ik studenten zonder danservaring dansen uit verschillende landen. We dansten ‘twee emmertjes water halen’ op een podium in Malta en op een uitwisseling in Sofia zongen we Bulgaarse liederen in de bus. Met de demonstratiegroep in Enschede vormde ik een choreografie waarin verschillende stijlen elkaar afwisselden. In het publiek met 800 studenten sprongen achter elkaar de Poolse, Spaanse, Bulgaarse en Armeense deelnemers op uit het publiek. Folklore kan mensen verbinden.


De onderliggende verhalen, tradities, diversiteit aan bewegingen, maatsoorten en klanken trekken me aan in de volksdans. Die diepgang vond ik tijdens een reis op het Bulgaarse platteland, en tijdens een dansreis naar de Kaukasus in 2018. Door samen te dansen ontstaat er verbinding. Er is niets mooier dan met een groep samen te dansen.
Ik woon in Zeist. Naast het lesgeven en dansen ben ik beleidsadviseur voor gemeenten. Daarbij houd ik me bezig met hoe digitalisering ons dagelijks leven en de samenleving beïnvloedt. Ik ben nieuwsgierig hoe dat zich ook gaat uiten in de volksdans. Folklore is tenslotte een levend iets. Wat zou er komen na Telefonski Čocek en zoom-dansen?
Ik heb Oud Poelgeest afgelopen jaren in verschillende vormen leren kennen: tijdens een ‘gewone’ les voor corona, met lessen in de zaal op 1,5 meter en via zoom. Ik heb jullie als groep en jullie bestaande repertoire leren kennen en jullie hebben mij al een beetje leren kennen als docent. Ik kijk er naar uit om samen met jullie al dansend de wereld over te reizen!


Tot gauw op een les.